In 1966 schreef liet toen 80-jarige Gerriet Pieters zijn herinneringen uittypen. Het boekje waarin zijn verhalen zijn gebundeld, is nu in handen van de Vereniging Dorpsbelangen Gasteren. De herinneringen van Gerriet Pieters vormden een belangrijke bron voor het vorig jaar verschenen boek over het dorp Gasteren. Toch is veel niet gebruikt: vandaar op deze pagina een bloemlezing. Daarmee wordt een beeld gegeven van een grotendeels verdwenen levenswijze, die nog niet eens zo ver achter ons ligt.

Ik wil nog even vertellen hoe het vroeger in de hooitijd in Eext ging. De hooilanden langen ver van huis zodat de mensen tussen de middag niet naar huis gingen om te eten. Dat was elke dag pannekoeken, van die grote, want drie in de pan kenden ze niet. De boer of de meid brachten ze en dan werden ze in zoveel stukken verdeeld als er eters waren. Goeie boter of siroop er op want kunstboter was er niet. De eerste kunstboter kwam van Burgers en ze heette 'ballon'.

Zelfs als het warm was de boter bijna niet te smeren, zo hard was ze. Overal maakten ze er een liedje op. Ik ken er ook nog een luister maar:
"Zeg vrouwtje lief heb je 't eten klaar, 'k heb trek
Maar sapperloot wat smaakt het raar, wat gek.
Waarom gebruik je geen ballon
Of dacht je dat ik niet proeven kon?
Ballon, ballon, ballon. (bis)


Nu nog even over het zomerhuis achter onze hof. Dat was een slagveld, waar R. Bonder woont. Het werd verkocht voor F 200 een hoge prijs. Waar het paasvuur elk jaar staat werd ook gekocht door de volmachten voor dezelfde prijs.
Toen dat zomerhuisje gebouwd moest worden moest er ook water komen. Ze wilden buizen in de grond slagen en daar een pomp opzetten, maar dat was mis. Wij kwamen er elke avond bierdrinken en de jong kerels maar aan het slagen maar er kwam geen in de buis. Toen moesten ze er ook maar weer uit. Dit alles kostte veel geld, maar die oologswinstmaker was ook gemakkelijk aan geld gekomen, want het was in de oorlog '14-'18. Maar water moesten ze hebben en moest er maar een put gegraven worden en dat heeft Andries Veenstra gedaan. Dus dit wijst er op dat de plattelander eerder veel meer moeite moest doen om water te krijgen dan tegenwoordig.

Nu wil ik nog even vertellen dat ze hier aan het buizen leggen zijn voor aardgas. Vrijdag 6 mei 1966 zijn ze voor ons huis bezig met buizen plastic 10 meter lang en tien cm in doorsnee. De goot worde met een machine gegraven en kunnen ze per dag een grote afstand doen. 

Nu gaat het over de boerhoorn. De hoorn is er nog wel, maar wordt niet meer gebruikt. Want laatst was er nog een klein brandje geweest bij Tiems in het stookhuis maar er is niet geblazen. Dat zal wel van de telefoon komen, want eerder werd er direct geblazen als er iets bijzonders was. Er was eerder toen ik nog klein was een koperen hoorn maar daar kon maar een enkele muziek uit krijgen. Doch nu is er een daar kan een kind wel opblazen en nu ligt hij stil bij Wolter Meieringh.
En zo is er veel veranderd, dat het dunkt mij goed is dat ik dit op papier zet.

Als er vroeger een begrafenis was dan werd er voordat ze met het lijk op pad gingen altijd eerst geblazen, maar er ging niemand mee. Nu krijgt ieder een rouwkaart en gaat er uit elk huisgezin een mee om de laatste eer te bewijzen en dat vindt ik een mooi gebruik.

Nu nog even over de brandspuit, die is wel modern maar gaf bij Tiems geen water doordat er dagelijks niet opgelet was. Er waren twee bij die zich meer verbeelden als de anderen, maar ze kregen de wind van voren van B. Schuiling dat ze er niet beter opgepast hadden. Als het een grote boerderij was geweest hadden ze niets anders kunnen doen dan er naar kijken.

Nu wil ik schrijven over de volmachten en de boerreken. Hier is ook veel verandering in gekomen want een volmacht had veel meer zeggenschap dan velen menen. Vroeger werd een volmacht gekozen uit de boeren die op de boerreken waren, maar konden ze weigeren. Doch nu moeten ze het wezen omreden dat het er niet buiten kan en gaat het op de beurt af en zijn het alleen mensen die een paard of en trekker bezitten. De volmachtperiode duurt vier jaar.

Maar er is er een die al volmacht-boekhouder is en dat is R. Reinders. Als er vroeger vergadering was 'boerreken' dan ging elk daar heen. Het was dan feest en had men bijna vrij verteren. Als de vergadering ten einde liep, dan werd er nog gevraagd of er nog een rondje voor de boermarke af kon, dat moesten de volmachten even over leggen, ja er kon nog net een rondje uit de kas betaald worden. Dat was in de tijd dat de omzet van de boermarke honderden guldens waren toen ging ieder er heen. Nu is de omzet duizenden en gaat niemand er heen. Het schijnt dat de mensen geen feest meer willen vieren want het ging vaak mooi als er een goeie borrel gedronken werd. Men ging dan vaak aan het voordragen en zingen. Harm Veenstra kon zulke mooie stukjes en kon niet lezen of schrijven.  

Ik heb het verkeer geteld op de tweede Pinksterdag van vier tot vijf uur op de 30ste mei 1966.
450 auto's    42 bromfietsen      49 fietsen       3 motoren   3 trekkers   5 lopende mensen

 Op 1 juni 1966 is Albert van Rein Rzn gekozen tot raadslid van de gemeente Anloo. In het hoofddorp Anloo is er niet een gekozen, maar in Anderen wel nl. B. de Bie.

Nu wil ik nog even weer aan het schoolmeesteren, want dat was een groot verschil bij nu. Toen ik in 1898 in Eext woonde, kwam de boer van een vergadering en zei, dat ik naar de avondschool kon gaan, maar dat koste mij een gulden mits er 25 leerlingen waren. En dat lukte, want meester Bastiaan wou 25 gulden verdienen. Maar was zelf niet loos, want H. Udding en B. Oosting waren een keer lozer dan de meester en zullen we hem wel uitgelachen hebben.
In 1298 wordt Gasteren het eerst genoemd en geschreven als Gestre en Gescholte, wat betekend hooggelegen bos. Er waren in die tijd in Gasteren een gehucht 12 huizen met namen te weten: het huis van Alting, Assino, Gherweerdingerhuis, Hobinghuis, Huizinghuis, Mantinghuis, Meijeringhuis, het huis van koster Siardina en de Volharding.
In Gasteren heeft een leenman gewoond van de Bisschop van Utrecht die Leffert Woltinge heette van 1380-83.
In het laatst van 1700 waren de Gasterse heesten een boscomplex van ongeveer 90 bunder. Deze bossen moesten in 1786 afgedreven worden omdat men er jacht maakte op wolven.

Nu ga ik vertellen wat er in 1912 gebeurd is, want dat weten ouden van dagen en wordt er weinig over gesproken. 12 april was er een zonsverduistering zo mooi als het niemand gezien had.Toen konden we zien, dat de zon groter was dan de maan, want de maan ging voor de zon langs en bleef er een randje van de zon over en werd het koel. Het was helder weer en was het bijzonder mooi.

En nu ga ik treurigs vertellen, want de 22 april zijn er vier huizen opgebrand, waar twee kleine kinderen in gebleven zijn. Dat waren de huizen waar nu Nefels, L. Popken en Albert Stoffers wonen. Het waren de kinderen van A. Kloezen en van H. Smite. De ouders zijn allen overleden. Een kind van 4 jaar heeft met lucifers gespeeld.

En voor 4 jaar is het huis van Nefels weer opgebrand, oorzaak onbekend.